Van de regen in de drup…

Afgelopen zondag zag ik het weerbericht. Regen, regen regen. Wat zal ik eens gaan doen. Graag doe ik mijn dingen buiten: in de tuin, op de molen of in het bos. Ik zocht naar een alternatief. Wij, met wie ik ben en ik, zijn politiek geïnteresseerd en we kwamen op het idee donderdag naar de Tweede Kamer te gaan.

Net zoals ik weleens met mijn dochter naar de Ronde van Vlaanderen ging, verheugde ik me nu op een bezoek aan de Tweede Kamer. Dat werd in de loop van de week alleen maar groter. Bij de Ronde van Vlaanderen verdiep je je in de kanshebbers. Naarmate je beter geïnformeerd bent, is het kijken leuker. Nu kwamen we erachter dat Hugo de Jonge ter verantwoording werd geroepen door de kamer over mondkapjes. Iedereen in rep en roer. Hugo is er zelf bij en steeds meer informatie komt boven tafel. Ik had zin om te gaan kijken. Om 10:15 zaten we paraat op de publieke tribune.

Nu, 19:10 uur, raakt de voorzitter in paniek over het debatregiem. Is er nog corona of niet? Ik raak de draad daardoor niet kwijt. Het debat was af en toe best spannend. Over de vraag of minister Helder beter luistert naar een minister op een ander departement of naar de Tweede Kamer. Het was ook even spannend voor Pieter Omtzigt toen het ging over zijn bezoek ergens in april 2020 bij de minister president en de rotte vragen van D66 en VVD aan het adres van Pieter Omtzigt. Hij pareerde dat heel goed.

En toen kwam het hoofdmenu: de beantwoording van de vragen door Hugo de Jonge. Ik vond het fascinerend hoe stevig De Jonge in het debat stond. Echt knap. De energie in de kamer zakt weg. Op de tribune gaat het publiek langzaam naar huis. De aanwezige journalisten gaan naar de programma’s waar ze moeten praten.

En ook in de Kamer ebt de energie weg. Het lijkt alsof er al een deal is met de coalitie. VVD, CDA, CU en D66 zullen tegen alle gevaarlijke moties stemmen. De oppositie kan doen wat ze wil, maar verder komen ze niet.

Aan het eind van de beantwoording in eerste termijn door De Jonge, rond 20:00 uur, werd het nog even een sterk debat. Jesse Klaver stelde de echte vertrouwensvraag aan De Jonge. Ik vond dat mooi en eerlijk. De woordenwisseling was scherp, de lichaamstaal oprecht. Helaas kwam De Jonge niet over de brug. Ik vond dat jammer. Waar vertrouwen even kans had per voet terug te keren vloog het te paard door de voordeur naar de trein.

Uiteindelijk kwamen we dan toch nog van de regen in de drup.

7 april 2022

Geslaagd!!

Het was een mooie dag vandaag! De zon scheen volop. Geen wolkje aan de lucht. Oostenwind kracht 2 – 3… Hoe anders was dat in december vorig jaar toen ik voor het eerst op ging voor het toelatingsexamen voor het doen van examen voor het vak van molenaar…. (klik hier).

Nu scheen de zon. Ik moest voor de praktijk hetzelfde doen als in december: Stukkie kruien, zeilen opleggen, vangen (=remmen), veiligheid in acht nemen, etc. Voor de theorie kwamen deels dezelfde vragen langs: Wat gebeurt er met een tafeltennisbal in het water in een sloot die een draaiende poldermolen tegenkomt? Hoe werkt het wanneer de vang (de rem) bijgesteld moet worden? Welke systemen kennen we voor de wieken. Ook kwamen er andere vragen, meer technisch waar ik als gewezen boekhouder minder raad mee wist. Verder kwamen allerlei vragen over het weer langs. Weer is leuk en ook nog eens afwisselend.

Weerkaart tijdens het examen op 5 maart 2022

Na anderhalf uur mocht ik het figuurlijke zweethokje in en werd ik opgevangen door de molenaars uit Lobith. En…? Ja, ik weet het niet… Praktijk ging niet zo goed. Theorie wel aardig.

Gelukkig duurde het niet lang. Geslaagd.

Toen ik werkte keek ik ’s avonds wel eens op de site van molen de Kroon, hier midden in de stad en zag ik dat de opleiding bestond. Een paar keer per jaar een aantal jaren achter elkaar keek ik en steeds dezelfde informatie. In 2018 was ik met de open molendag voor het eerst op de stelling om persoonlijk informatie te vragen en in januari 2019 begon ik eerst langzaam en later wat vaker les te krijgen. Ben nu dus dik drie jaar bezig en ik heb het er best zwaar mee gehad, voor zover je het zwaar kunt hebben met een hobby. Vooral dat technische en het in de kop stampen van een heel nieuw vocabulaire. Je moet over molens kunnen praten met deskundigen, dus je moet ook hun taal leren. Daarnaast wordt ook geleerd mensen rond te leiden.

Nu ben ik dus bijna aan het eind. In juni moet ik examen doen, daarvoor slagen en dan ben ik molenaar. Dit is een grote stap, want ik kan nu verder gaan kijken, wat ik ermee wil doen… Dromen heb ik al gedaan, als mooi weer molenaar, van een tuintje aan de voet van een molen en van het tarwe dat ik zelf kan malen…. (klik hier). Maar voor dat laatste is ook nog een kopcursus van een jaar nodig. Ik weet niet of ik dat ga doen. We gaan het zien.

5 maart 2022

Examen

Het is zaterdagmorgen. Voor een pensionado rijd ik op een onmogelijk vroege tijd van huis. In de straat kom ik een man met een zak met voetballen op zijn rug tegen. Zijn kind, nog lang geen puber, fietst voor hem. Ze gaan naar de voetbal. Ik ga examen doen. Voor de molen. Daar heb ik nu dik twee jaar naar toe gewerkt. Er lijkt geen wind te zijn.

Op de snelweg bij Maanderbroek zie ik twee nieuwe windmolens draaien, nog net door de mist heen. Zuid, zuidoost… toch wind. Voor Den Olden Floris, de examenmolen, komt de wind uit de verkeerde hoek, denk ik. Ik ben wat gespannen, maar goed op tijd. Vlak voor Den Olden Floris stap ik nog even de auto uit. Toch wind. Mooi.

Bij de molen zie ik wat mannen staan praten: de examencommissie en de molenaars. Ze zien me en gaan naar binnen. Ik loop nog even rond de molen voor ik naar binnen ga. Wind: best wel… uit de goeie hoek. Ze hebben de molen al geprepareerd.

Wat moet ik toch? Bijna 65. Wat maakt het uit. Ik heb geen corona en ik lig niet op de IC. Vanmiddag ga ik met al degenen met wie ik ben sinterklaas vieren. Online. Wat wil een mens nog meer. Gaan!!!

Eerst een bak koffie. Het zijn tenslotte allemaal molenaars en die houden van koffie. Stipt negen uur beginnen we. Vriendelijk welkom. Dan naar de molen en de molen aan de gang zetten. Wat vragen over wieksystemen. Ik doe mijn ding. Soms goed, soms minder goed. Ook iets doms. Dan de kap: over remsystemen en kruiwerken en nog wat andere dingen. Gaat redelijk, maar ik mis ook wel wat. Twijfelde toch. En dan binnen….

Uiteindelijk, zoals dat gaat met examencommissies, mag de kandidaat naar buiten. Ik neem mijn koffie en ga buiten zitten wachten. Direct komt de molenaar naar me toe. En? Misse boel, denk ik. Kantje boord, zeg ik. Ach, ik heb geen corona en ik lig niet op de IC, denk ik. Volgende keer beter, zeg ik.

En dan mag ik binnen komen. Gezakt. Ik zeg vriendelijk dank tegen de commissie, het zijn tenslotte ook vrijwilligers die hun werk doen. Ze hadden ook thuis met hun hoofd boven de krant kunnen zitten in de warmte. Maar in mezelf…

Het is een dag later. Het relativeren is begonnen. De vragen ook: was het een drie of een vijf? Ben ik nog onbewust onbekwaam op sommige onderdelen? Of was het net aan. Je kent dat wel.

Examen doen is niets voor, bijna, bejaarden. Of toch wel? Ja, natuurlijk! Je bent nooit te oud om te leren….

5 december 2021

(Foto boven: gemaakt door de molenaar van Den Olden Floris tijdens het examen.)

Tilos

Ooit ben ik met wie ik ben naar Rhodos geweest in mei. Toen we terugvlogen naar Nederland, vlogen we over een klein eiland. Het vliegtuig was nog laag, kwam net van de startbaan los en ik zag het eiland in zijn geheel vanaf, zeg, vijfhonderd meter hoogte. Ik dacht: Daar wil ik een keer heen.

Terug in Nederland ben ik van alles op gaan zoeken over het eiland. Het is klein, met twee dorpen en twee echte stranden. Er zijn veel meer kleine strandjes in baaien, die vrijwel onbereikbaar zijn. Er is een webcam, maar die doet het bijna nooit en er is weleens een pandje te koop, maar dat is te duur.

Toen ik nog werkte heb ik vaak gedacht, daar ga ik heen wanneer ik met pensioen ga. Een soort afkikken van werk en alle dagen vis eten met Griekse salade. De ochtend beginnen met zwemmen in zee, niets is lekkerder, en de avond eindigen met een biertje dromerig vooruit kijken over het water. Het is er nog niet van gekomen. Met wie ik ben denkt dat ik geen drie weken of een maand stil kan zitten. Dat er niks te doen is, wat ik leuk zou vinden.

We hebben net een week in de Alpen gewandeld en nu zitten we een eindje verderop aan de Middellandse Zee. Oh, wat een drukte. We zijn er net 24 uur en ik wil nu al naar Tilos. Ik moet daar een keer naartoe. Kijken hoe het gaat om bruin gebakken terug te keren naar Nederland en dat de mensen vragen: Waar kom jij vandaan?

De komende dagen gaan we een parasol huren om lekker te kunnen zwemmen in zee. Dat gaat gebeuren en is eigenlijk ook best leuk. Het is lekker standaard en niet custommade. En allemaal Italiaanse scootertjes op de parkeerplaats bij het strand. Dat heeft ook wel wat. Nog geen sardientjes gehad. Dat komt nog wel…

25 juli 2021

Calvinist

Dit weer vind ik heerlijk. Zonovergoten, niet te warm, fris in de ochtend en avond. Ik geniet er ontzettend van. Vanochtend zat ik heerlijk achter in de tuin over het weer te lezen in het kader van mijn opleiding tot molenaar. Vandaag is het ook nog weer, waarbij de molen mooi rustig draait. Geen vuiltje aan de lucht en nog een beetje wind ook. Mooier wordt het niet.

En toch voel ik me schuldig: het is maandagochtend en heel Nederland is aan het werk. Mensen gaan in de nachtdienst, mensen zitten in de trein en auto of op kantoor. En ik? Ik geniet van het leven. Naast mij spelen de buren verstoppertje met hun hond en aan de andere kant wordt piano gespeeld. Ik lees de ingezonden brief in Trouw van de zonen van Jaap van Delden. Ik heb veel respect voor de mensen in de ziekenhuizen als Rijnstate, Bernhoven en het Elisabeth tweesteden ziekenhuis, waar ze knetterhard hebben gewerkt het afgelopen jaar. En ook bij de GGD´en waar ze testen en vaccineren. Zo’n brief is mooi. Jaap is blijkbaar ook een Trouw lezer en (dus) mogelijk ook een calvinist. Ik ken hem verder niet.

Trouw, 14 juni 2021

Wat kenmerkt een calvinist? Wikipedia geeft aan dat in het spraakgebruik met calvinisme een verzameling eigenschappen wordt bedoeld die typisch Nederlands zouden zijn, daaronder ingetogen gedrag, ingetogen in het uiten van emoties, niet te koop lopen met je successen, kapitaal hebben of bezittingen en daar weinig waarde aan hechten, starheid in principes, arbeidsethos en waarden als soberheid, zuinigheid en lijdzaamheid.

Ik herken me in een deel van die eigenschappen, met name waar het gaat om het arbeidsethos. Daar komt ook mijn schuldgevoel vandaan. Bij ons thuis was werk het leven. Alles stond in dienst van het werk. Zelfs de momenten dat je rust nam stond die rust in dienst van het werk. Niet om er rijk van te worden, maar om je gezin te onderhouden. Niet zoals Sywert van Lienden, maar als Jaap van Delden. Knetterhard doorwerken en zorgen dat het land gevaccineerd wordt. Ging mijn vader vanuit Ommen naar Zuid-Limburg op vakantie, dan keek hij, als bakker, in alle etalages van bakkerijen wat er aan patisserie lag. In Arnhem zette hij zijn auto stil bij Musis Sacrum om even bij bakker Petri in de Steenstraat op werkbezoek te gaan.

Wikipedia vervolgt: Hoewel Calvijn pleitte voor ‘maathouden’, had Calvijn wel degelijk oog voor vermaak en plezier. Ook schrijft Calvijn over ‘de wijn die het hart verheugt’ als een weldaad van God. Gelukkig doet onze druif het goed en mogelijk kunnen we in het najaar weer wijn maken.

Ook de tarwe in de tuin doet het goed. Ik denk dat we dit jaar voor het eerst een broodje van eigen bodem gaan maken.

Want als echte calvinist, geniet ik er niet alleen van. Ik moet er ook wat mee doen.

14 juni 2021

Voorjaar

Mooi voorjaarsweer….

Hoogste molen van Nederland op Ubachsberg.
Een appelboom op de grens van Nederland en België tussen Slenaken en Noorbeek.
Vakwerk.
Met wie ik ben….
Het Gulpdal
Van Slenaken richting Gulpen.
De Geul bij Mechelen.
Molen te Gronsveld gebouwd in de 17de eeuw.

12, 13, en 15 april 2020.

Gert’s kerstgedachte – 2

Een raar jaar en dan komt er uiteindelijk toch nog een deal. We wisten he dat die moest komen, deadline na deadline. Johnson kan in zijn overwinningsspeech roepen: “Brexit is done”. We kunnen eigenlijk niet goed omgaan met twijfel en onzekerheid. Toen in maart de pandemie echt duidelijk werd, ook buiten China, stortten de beurskoersen ineen met verliezen van tussen de dertig en vijftig procent. We gingen in quarantaine. Nu deze dagen ligt de AEX weer ruim boven de 600 punten en is het verlies bijna goed gemaakt. Er zijn wel nuances: de oude economie, Shell en banken, hebben veel verloren en de nieuwe economie, ASML en Tesla, is fors in waarde gestegen. Toch is kennelijk voor de economie een pandemie van deze omvang een rimpeling.

Dat geldt niet voor de mensen. Nog nooit zijn er zoveel jongeren in de opvang geweest met de kerstdagen. De politie dreigt met schieten, wanneer mensen zich niet aan de regels houden met oud en nieuw. Er zal massaal blauw op straat zijn. Het huiselijk geweld is groter dan we gewend zijn, omdat mensen zich opgesloten voelen in de “Lockdown”. Eigenlijk is 2020 een rampjaar in sociaal opzicht. Mensen stierven in eenzaamheid, je werd bang om mensen tegen het lijf te lopen en zomaar ergens even binnen lopen was er niet meer bij.

Lang heb ik er geen last van gehad. Ik genoot van de blauwe luchten in het voorjaar. Ik maakte prachtige wandelingen en had het goed in mijn tuin en later ook op de molen. Iedereen dichtbij raakte weer wat meer gesetteld en dat bracht rust. Maar de laatste weken dreig ik een beetje boos te worden. Boos op hen die zich niet aan de regels houden, op mensen die zo nodig naar Zwitserland moeten, op bedrijven die proberen de boel te ontduiken en op politici die verwarring zaaien. Ik raak in vertwijfeling. En misschien heeft het alleen maar met dit jaargetijde te maken en het weer: dagen lange grauwheid en regen. Gisteren en vannacht 30 mm in mijn regenmeter.

Hoe zal het dan verder gaan? We denken nu dat het vaccin wel zal helpen en we in de zomer weer op vakantie kunnen en naar de kroeg of naar een festival. Ik heb me voorgenomen dat mijn blogs positieve blogs zouden zijn, maar ik merk dat het bij dit blog niet echt lukt. Politici laten niet na optimistisch over de toekomst te zijn. Dat moet ook. Maar het moet nog wel gebeuren. Klappen komen er voor bedrijven die het toch niet overleefd hebben. De rente gaat stijgen want het uitgegeven geld moet ergens vandaan komen. Je kan niet blijven leven op de pof. Alle planbureaus zeggen dat de economie snel aantrekt. Hopelijk vallen de sociale gevolgen dan ook mee. We willen niet terug naar het oude normaal.

Welke keuzes maken we half maart volgend jaar? Blijven voortmodderen in de markteconomie en het wantrouwen van de overheid als in de toeslagenaffaire of het bieden van kansen aan mensen aan de onderkant van de samenleving. Zij krijgen van mij het voordeel van elke twijfel. Investeren in sociale vernieuwing, Vogelaarwijken en Melkertbanen is bitter noodzakelijk, ook al hebben die in 2021 een andere naam.

24 december 2020

NB: Het gedicht van Typhoon stond op de voorpagina van Trouw van vandaag.

Dorpstraat, Ons Dorp

Dat is het eigenlijk, de Dorpstraat in Vlieland. De afgelopen dagen ben ik er een keer of tien doorheen gelopen en nog een aantal keren gefietst ook. Van de boot naar het hotel, naar de vuurtoren en weer terug. Als begin en eind van een wandeling om de oost en het rondje naar het Posthuis. De winkel met de bhoeda’s en de treintjes is er nog steeds, evenals de warme bakker. Hoe lang zou die het volhouden. Het mooiste is de Dorpstraat in de herfst. Als het stormt. Zoals vandaag.

Zometeen gaan we naar de boot en zit het er voor een jaar weer op. Ik krijg er niet genoeg van. Ik moet terug. Het is een vorm van weemoed die ik koester. Het is niet anders.

Bakker Wester
Boeddha en treintjes

21 oktober 2020