Croquetten – 3

Eerder beschreef ik hoe je echte croquetten maakt. Klik op de tag naast deze pagina en je vind het. Het dagblad Trouw zocht naar recepten van lezers. Ik dacht: daar doe ik aan mee. Ik heb tenslotte een prachtig recept uit het receptenboek van mijn vader. Het recept werd hier gepubliceerd. Onlangs publiceerde Trouw een verhaal over de kroket in culinair-historisch perspectief…. Dat artikel vind je hier.

Mooi, hoor ik de lezer denken, maar waarom dan nog en keer een bericht over kroketten? Ik kreeg een paar mooie reacties van vrienden, familie en van totaal onbekende mensen en van mensen die onze bakkerij gekend hebben. Van het een kwam het ander en vandaag sprak ik met iemand die bleek bij ons te hebben gewerkt. Ze had de kroketten in de lunchroom verkocht. In die tijd hadden we elkaar vast weleens gezien. Geen van beiden hadden we daar een actieve herinnering aan. Ze vertelde haar herinneringen: hoe ze een sorbet moest maken en hoe ze dat bij feestelijke gelegenheden nog steeds doet. Over hoe mijn moeder in het voorjaar allerlei ijsmixen maakte op zolder. Ik zie dat nog voor me. Ze had witte kleden liggen met de verschillende ingrediënten, die ze in bepaalde verhoudingen mixte. Mix voor banenijs, citroenijs, aardbeienijs, enzovoort. Ook vanille ijs-mix is in verschillende variaties, want als het hoogzomer was deed je minder vet in het ijs, want dat was lekkerder. Was het een koudere voorjaarsdag zat er wat meer vet in, want dat smaakte dan beter.

Mijn verhaal over kroketten in Trouw begin ik met dat ik samen met een teamgenoot van de voetbal na de voetbaltraining een kroket bij de Ommer Febo uit de muur haalde. Ik vertelde haar dat het haar broer was met wie ik die kroket ging halen na de training. Trainen aan het eind van de middag, eerst heen fietsen en na de training terug. We hadden dan wel zin in wat.

En zo kwam weer van het één het ander. Het was als met de vragen van tante Es: zeg me: wie is vader en zeg me: wie is uw moeder? Daniel Lohues zingt: hier kom ik weg. We hadden het over gereformeerd Ommen, over de straatjes die we kennen, over de mensen van toen en soms van nu, over de levenden en de in ons voort levenden. Het is gek, maar waar je opgegroeid bent… daar hou je een bepaald gevoel aan over. Ik herinnerde me de geur en het geluid en de kleuren van alles wat ze me vertelde. Dat raak je niet meer kwijt. Ik koester die geuren en kleuren en het geluid van radio Veronica. Want die stond altijd aan…

Croquetten. Van het een kwam het ander.

18 oktober 2021.

De holocaust niet vergeten

Ik had het al op tv gezien en vandaag was ik er zelf: in het holocaust monument in Amsterdam. Een verplicht nummer voor middelbare scholieren, zei ik tegen met wie ik ben. Je weet niet wat je ziet. Alle namen van hen die vanuit Nederland zijn vermoord in Nazi Duitsland. Onbeschrijfelijk.

Er waren veel mensen. De een belde naar huis: wat is de geboortedatum. De ander keek op internet. Weer een ander raakte voorzichtig de steen aan van een geliefde, alsof het de eerste keer was dat hij zijn geliefde kon aanraken. En dat was ook zo. Een derde was verbijsterd toen zij door een gids geleid werd naar haar nabestaanden. Een ongeveer negen jarige vroeg aan haar moeder: “Zijn al deze mensen vermoord?” Onbevattelijk: 102.000 bakstenen. Voor iedere dode een steen.

Wij gingen op zoek naar de joden uit mijn geboortestad. We zochten de familie De Levie. Niet dat ik er een band mee had. Mijn moeder had hun naam weleens genoemd. Ze hadden een slagerij . Op de site over joden in Ommen wordt, naast andere verhalen, hun verhaal verteld.

Deze 102.000 verdwenen mensen hebben een naam en een plaats gekregen in de geschiedenis. Een tijd geleden waren we in het holocaust monument in Berlijn. Blokken, groot en klein. Straten, oplopend en aflopend. Geen zicht op uitzicht. Hoe kun je je 6.000.000 doden herinneren? Het is eindeloos.

En nu hier in Amsterdam staan de namen van de Nederlandse joden in steen gegrift. Het is een aangrijpend monument. Geen steen is hetzelfde.

Dit monument laat je niet los. De holocaust vergeet je niet meer.

Ga kijken.

Amsterdam, 10 oktober 2021

De plek

I ‘ve been to Hollywood
I’ve been to Redwood
I crossed the ocean for a heart of gold.

Mijn plek. Ik denk bij de vraag wat is voor jou “de plek”, direct aan mijn plek aan de Vecht bij Ommen. Niet ver van het huis waar ik ben opgegroeid en waar ik van mijn 9de tot mijn 22ste heb gewoond. Je kijkt er richting Ommen. Ik ging er heen als ik wilde nadenken, wanneer ik depressief was. Ik was nooit echt depressief, weet ik nu. Gelukkig. Maar ik was wel, zoals iedereen, boos, verdrietig, kwaad over van alles en nog wat in de wereld. En verliefd.

Ik was er voor het laatst een paar jaar geleden toen we in de buurt op een camping stonden. Ik moest er even heen om te voelen of het nog zo was, of ik dat gevoel nog weer terug kon krijgen. Dat was niet moeilijk. Toch zijn er meer plaatsen waar ik aan gehecht ben. Ik heb altijd een dergelijke plek om me heen nodig gehad. Aan het kanaal waar we woonden, op de fiets richting Gaastmeer, op de hei, waar ik zeven jaar ’s ochtends en ’s avonds over fietste om naar mijn werk te gaan.

Die plaatsen hebben gemeen, dat ik ze bezoek in het voorjaar. Het stemt mij melancholisch . Ik droom er hoe de wereld beter kan worden. Wat ik er aan kan doen. Hoe ik me lekkerder, prettiger kan voelen. Eigenlijk was het op die plaatsen vaak ‘coronaweer’. Blauwe lucht, groene omgeving. Nu, dit voorjaar, heb ik geleerd waarom blauw en groen mijn favoriete kleuren zijn. Ook: hoe verraderlijk dergelijke plekken kunnen zijn. Er lijkt geen vuiltje aan de lucht. Het kan je zomaar, letterlijk, bij de keel grijpen.

En: als het er op aankomt is mijn plek links van met wie ik ben.

28 april 2020

Gepubliceerd in de Nieuwsbrief jaargang 39 nummer 3, mei 2020. Meer beelden van dit artikel zijn te vinden op www.gerthengelaar.nl /de-plek/

Het geluid van mijn plek

Mooi Junne

Ik sprong van de stuw af en zwom naar de kant. In Junne. Ik fietste over die stuw voor een mooi rondje Stegeren. Ik was er met mijn moeder om te genieten van de stilte en de natuur. Met mijn broer bracht ik brood rond bij de boeren rondom die stuw, toen mijn vader net was overleden. Ik was er vorig voorjaar voor het laatst en genoot van die plek die voor altijd in mijn geheugen staat gegrift.

Er was altijd een brug, er was altijd wat verkeer. Maar geen zwaar verkeer. Ik snap het wel, de landbouw voertuigen worden zwaarder en helemaal omrijden is geen optie. Het is snel 15 kilometer heen en terug. En dat met een trekker. Maar ik vraag me af moet je daar op die plek zwaar landbouwverkeer toestaan. Moet alles wijken voor de economie van de boer? Boeren moeten dit zelf niet willen.

Ik zeg: teken de petitie. Stop de brug die zwaar verkeer mogelijk maakt. Doe het!!

24 april 2020

De Konijnenbelt in Ommen

Gisteren was ik voor het eerst op de Konijnenbelt in Ommen. Ik ben er duizend keer langs gefietst, gelopen en gereden. Aan de voet heb ik gefeest op het feestterrein en vanaf de (oude) brug heb ik er naar gekeken. Nu stond ik er op de stelling. Prachtig uitzicht over de Vecht over Ommen en naar Varsen. Ik hoop er nog vaker te komen.

De Konijnenbelt in Ommen
Vanaf de stelling